Wie is Gopala Baba? 

Wie is Gopala Baba?

 

Swami Gopala Krishna werd geboren op dinsdag 6 november 1951 als de jongste van acht kinderen van het devote Brahmaanse echtpaar Yamunamma en Venkataramianah Urala. Gopala Krishna werd onder een gunstig gesternte geboren en ook nog op een dag die heilig is voor zowel Vishnu als Shiva.

 

Vader Venkataramianah was een van de eersten die dicht bij het centrale bus- en treinstation een hotel had opgezet en als oudste zoon had hij de enorme plicht om de verantwoordelijkheid voor de volledige familie op zich te nemen. Moeder Yamunamma, die door Swami beschreven wordt als ‘een ware karmayogi’, was haar hele leven een eenvoudige, ingetogen en zeer toegewijde vrouw, die van de vroege morgen tot de late avond werkte in haar huis. Zij zorgde voor alle taken in het grote huishouden én voor de aanhoudende stroom gasten en familie.

Met de geboorte van ‘Gopi’, zoals ze hem liefkozend noemden, namen de voorspoed en de roem, maar ook alle bijkomende problemen van de familie aanmerkelijk toe. Want niet alleen was hij een heel mooi kind dat glimlachte en daardoor ieders belangstelling kreeg, hij had meer dan een bijzondere uitstraling...
Swami zegt hierover: ‘
Ik was uiterlijk een kind, maar in werkelijkheid eeuwenoud. Ik ben geen vreemde in deze wereld. Ik was hier ook in de tijd van Sri Ramakrishna. Toen Ramakrishna geboren werd, bracht Hij Zijn gevolg met zich mee, en ik was daar een van. Ik ken Siddharudha en Ramana Maharshi. Ik was samen met al deze grote Zielen. Ik ben het resultaat van een evolutionair proces. Ik ben de manifestatie van het Eeuwige Bewustzijn.

 

En dus vertoonde Swami al op zeer jonge leeftijd een duidelijke spirituele en artistieke ontwikkeling, op een leeftijd dat andere kinderen druk zijn met spelen en kattenkwaad uithalen. Swami zegt hierover: ‘Mijn gedachten dwaalden nooit af van God. Verering was mijn spel en mijn spel was verering. Het was net zo natuurlijk als ademhalen.

 

Tegen de tijd dat hij acht jaar oud was, was hij al een ware ambachtsman die handig figuurtjes van goden en godinnen maakte uit verschillende materialen.

Hij had vooral een sterke voorliefde voor Krishna en voor de goddelijke Moeder, die in de nabijgelegen tempel werd vereerd als Annamma. Door aandachtig te kijken naar de toegewijden die in de tempels kleurige en geurige bloemen aaneenregen, werd hij zelf al snel uitzonderlijk goed in het vervaardigen van kransen (mala’s). In een opwelling van devotie en een aangeboren kennis van rituelen versierde Gopi vaak de beelden van goden en foto’s in huis.

Liefde en toewijding waren zijn fundament en zijn voedsel, maar opoffering en mededogen waren zijn levensweg en zijn boodschap.

 

Als hij terugdenkt aan die tijd, zegt Swami: ‘Ik voelde mededogen met de armen, met de mensen die lijden en met hen die achtergesteld werden. Ik voelde een band met zulke zielen. Mijn hart ging naar hen uit. Ik was bereid om alles wat ik had op te geven als het hun iets goeds kon brengen. Opoffering is een deel van mijn leven.

Rond die tijd ging het gerucht dat Gopi geen gewoon kind was, maar dat hij ook gezegend was met de gave van profetie. Swami zegt hierover: ‘Wat er in mijn gedachten flitst, de fluisteringen van mijn hart, materialiseren zich als werkelijkheid. Ik weet niet of dit mijn eigen kracht is of de genade van de Almachtige Heer. Alleen God weet dat. Hij is alles.

 

Als brahmaan kreeg hij in zijn achtste levensjaar de heilige draad omhangen en werd hij geïnstrueerd in de Gayatri mantra. Met deze ceremonie en het verstrijken van de tijd hoopte de familie dat hij zou rijpen tot een jongeman die zijn verantwoordelijkheid zou kennen, zich op zijn studies zou richten en een goede carrière zou nastreven. Maar dat zou niet gebeuren; de ceremonie had juist het tegenovergestelde effect!

 

Begin jaren veertig kreeg de familie Venkataramianah te horen over Sri Sathya Sai Baba en dat Hij de reïncarnatie was van Shirdi Sai Baba. Al snel kreeg Sai Baba een vaste plek in hun hart en in hun huis en maakte vader Venkataramianah regelmatig reizen naar Baba’s ashrams in Puttaparthi en Brindavan. Tijdens de darshan (verschijnen van Sai Baba) had zijn vader geregeld gesprekken met Sathya Sai Baba. Gopala, die toen nog op school zat, was diep onder de indruk van de levens van heiligen. Net zoals die heiligen hun liefde voor God bezongen in hun composities, begon ook hij devotionele liederen te zingen. Op verzoek van de beheerders van een Hanumantempel in de buurt hield hij daar enige tijd de dagelijkse eredienst.

Ook trokken de atmosfeer en de bhajans (devotionele liederen) van de Ramakrishnatempel hem sterk aan. De oprechtheid van de jonge zoeker, zijn zuiver gedrag en het diepe innerlijke geluk dat van zijn gezicht straalde, trokken de aandacht van het toenmalige hoofd van het klooster die hem wilde inwijden tot monnik. Maar God had andere plannen.

 

Begin jaren zestig begon de Sai-beweging op te komen en kwamen er op meerdere plaatsen in Bengaluru Sathya Sai-genootschappen. Gopala ging regelmatig naar de bhajandiensten, waar hij de groepszang leidde.

Zijn verlangen om bij Sai Baba te zijn groeide. Vanaf zijn 14e levensjaar werd Gopal iedere keer als hij naar Baba’s ‘darshan’ ging binnengeroepen voor gesprek. Tijdens zo’n gesprek in 1966, nam Baba de handen van Gopal in de Zijne en drong erop aan dat hij een wens zou doen. Gopal antwoordde: ’Ik wil helemaal niets.’ Hij was het stadium van verlangens voorbij en had zich losgemaakt van wereldse zaken.

 

Van zijn puberteit tot 1991 waren jaren van intense ‘sadhana’ (spirituele oefening) voor Gopala. De hel of beproeving die mensen soms ervaren ervoer Gopala ook. Onbegrip van mensen en daarmee ook lastiggevallen worden. Swami vertelde dat hij die 25 jaar dezelfde weg moest gaan die ook wij lopen in het bewustwordingsproces. Swami zegt hierover letterlijk: ‘Er was geen land met me te bezeilen, ik wilde alleen nog Baba. Uiteindelijk kon Baba niets anders doen dan me overnemen. Dat heeft Hij dan ook gedaan. Ik (Gopala Krishna) keek neer op het lichaam en zag dat Baba het overnam. Uiteindelijk werden Baba en ik één.

Swami is een voorbeeld van de perfecte toegewijde (bhakta), waar de leerling in de Meester opgaat en uiteindelijk de Meester wordt.

Dit is tevens zijn boodschap aan ons:

 

"Geef mij jouw wereldse plichten, zodat jij mijn werk kunt doen"

 Sathya Sai Baba

Girinagar

Er brak duidelijk een nieuwe fase aan toen hij zijn geboortehuis verliet en een huis in Girinagar betrok. Ook daar richtte hij een kamer in als tempelruimte. Nog steeds klein van opzet, maar dat veranderde snel. Begin jaren 90 werd naast het woonhuis een tempel gebouwd en geopend voor een groter publiek, vanwege de steeds toenemende stroom bezoekers. De Sai Mandiram is een unieke tempel in een goed ontwikkelde wijk (Girinagar) in Bengaluru, waar zowel Shirdi Sai als Sathya Sai - de twee vormen van Sai - worden vereerd.

Het verlangen om fysiek in aanwezigheid van Sai Baba te zijn nam af na zijn laatste bezoek in 1990, doordat duizenden mensen een glimp van Baba trachten op te vangen in Baba’s ashram lukte het Gopala Krishna niet om dichtbij te komen zonder verdrukt te worden. Gopala Krishna had de intense wens om voortdurend het altijd aanwezige aspect van Sai Baba te ervaren in de vorm van Liefde en Licht. Gopala Krishna stimuleert iedereen om meer aandacht te geven aan de ‘innerlijke Sai’ in plaats van te smachten naar de lichamelijke aanwezigheid van de Meester.

 

Dat intense, innerlijke verlangen resulteerde in de fysieke verschijning van Sai Baba in de Mandiram (tempel) in Girinagar. Op 23 november 1991, tijdens een bhajansessie, manifesteerde Sai Baba Zich fysiek voor Gopala Krishna en materialiseerde Zijn Atma Linga ofwel ‘Chandra Moulishwara Lingam’ en gaf deze aan Gopala Krishna. (Een lingam is een eivormige, gladde steen. Niets kan zich eraan hechten en daarmee symboliseert de lingam het goddelijke). Daarbij gaf Sai Baba aan Gopala Krishna de opdracht om iedere maandag de Rudrabishekam (een reinigingsritueel) over de lingam uit te voeren en het gewijde water (tirtham) aan de mensen te geven. Vanaf 1991 heeft Swami dit ritueel 25 jaar ononderbroken gedaan. Op 23 november 2015, bij de opening van de nieuwe ashram, heeft Swami de laatste Rudrabishekam over de ‘Chandra Moulishwara Lingam’ volbracht. Er zijn talloze voorbeelden van mensen die geestelijk of lichamelijk zijn genezen door het nemen van dit gewijde water.

Aan de vruchten herkent men de boom

De afgelopen decennia werden gekenmerkt door de groei van de ashram. Niet alleen werd eind jaren ‘90 een polikliniek (dispensary) gerealiseerd, maar tegenover de oude, kleine tempel van Gopala Baba (zoals hij ook wel genoemd wordt) werd ook een nieuwe tempel gebouwd om de forse aantallen bezoekers te kunnen blijven ontvangen.

 

In 2014 ging een lang gekoesterde wens in vervulling en werd er een nieuwe ashram op het platteland gebouwd: de Sri Soma Sai Skanda Ashram in Nidghatta village langs de weg van Bengaluru naar Mysore. Op 23 november 2015 werd de ashram feestelijk geopend door de gouverneur van het district Karnataka.

 

Vanaf 1996 reist Swami Gopala Baba geregeld naar Mumbai en andere plaatsen in India. In 2001, 2004 en 2014 bezocht Swami Nederland. Tijdens deze bezoeken benadrukte hij steeds die eenheid tussen God en hem met de woorden:

 

‘Ik ben een straal van die ene zon; God is die zon’

 

Dit alles zijn slechts de uiterlijke kenmerken van wat er gebeurt en gebeurd is. Wat er aan innerlijke transformatie heeft plaatsgevonden is voor hem, voor de devotees (toegewijden) en voor de ‘toevallige’ bezoeker soms verbijsterend.

 

De bezoekers zijn divers qua achtergrond en religie. Gopala Baba geeft je de waarden mee zoals die ons door Sai Baba werden voorgehouden.

Contact

Sai Tempel

Onderdijk, Nederland

info@gks-holland.nl

 

Levensschool

Onderdijk, Nederland

levensschool@gks-holland.nl

  • Black Facebook Icon
  • Black Twitter Icon
  • Black Instagram Icon
  • Black YouTube Icon
  • Black Google+ Icon

© 2019 by Levensschool.